De KMO-portefeuille is een subsidie-instrument waarmee ondernemers jaarlijks tot 15.000 euro subsidies kunnen bekomen voor ondersteuning in hun processen van ondernemen, innoveren en internationaliseren. Voor strategisch advies loopt het bedrag zelfs op tot 25.000 euro.
Deze vereenvoudigde subsidiemaatregel is vanaf 1 januari 2009 in de plaats gekomen van BEA (Budget voor opleiding, advies, mentorschap en kennis).
Ondernemingen en vrije beroepen (zowel vennootschappen als zelfstandigen) die beantwoorden aan de volgende voorwaarden kunnen gebruik maken van de KMO-portefeuille:
• voldoen aan de Europese definitie voor KMO (mn. < 250 werknemers in voltijdse equivalenten én de jaaromzet ≤ 50 mio € of het balanstotaal ≤ 43 mio €)
• een exploitatiezetel hebben in het Vlaams Gewest
• een aanvaardbare activiteit uitoefenen (NACE-code)
• voldoen aan de regelgeving van het Vlaamse Gewest
• zich bevinden in de privé-sector (max. 25% participatie van een administratieve overheid)
Uitgesloten zijn:
• Grote ondernemingen (zelfs niet voor opleiding)
• VZW’s
• Ondernemingen uit het Brussels Hoofdstedelijk of Waalse Gewest
• Overheidsinstellingen
Men kan steun aanvragen voor 5 pijlers:
1. Opleiding: het gaat hier om het onderricht dat door de werkenden in de onderneming wordt gevolgd en dat uitsluitend of hoofdzakelijk gericht is op het verbeteren van het huidige of toekomstige bedrijfsfunctioneren van de onderneming. Wettelijk verplichte opleidingen komen nu ook in aanmerking;
2. Advies over ondernemen: een advies is steeds schriftelijk en op maat van de onderneming. Het omvat 3 aspecten: een analyse van de probleemstelling, het eigenlijke advies (suggesties, voorstellen, raadgevingen), het implementatiegedeelte (= een soort draaiboek indien men het advies wil realiseren. Dit slaat op het conceptuele aspect en niet op de realisatie of uitvoering ervan);
3. Advies over internationaal ondernemen (nieuw): dit zijn schriftelijke, doelmatige raadgevingen en aanbevelingen m.b.t. opportuniteiten en oplossingen ten behoeve van bedrijven die willen internationaliseren;
4. Technologie verkenning (nieuw): het inschakelen van een erkend kenniscentrum dat via studiewerk op maat van de KMO de nodige kennis aanbrengt om innovaties door te voeren; en
5. Strategisch advies: omvat een haalbaarheidsstudie of een studie die de economische en financiële haalbaarheid van het project bewijst, het advies is gerelateerd aan een kantelmoment binnen de onderneming.
De subsidie wordt berekend als een percentage van de in aanmerking komende advies- of opleidingskosten. Voor de pijler opleiding wordt het steunpercentage verhoogd van 35% naar 50%. Voor adviesverlening geldt een subsidie van 50%. Voor advies inzake technologieverkenning beloopt de subsidie zelfs 75%.
Er is evenwel voorzien in een steunplafond, met name 2.500 € voor opleidingen, 5.000 € voor advies voor ondernemen, 5.000 € voor internationaal advies, 10.000 € voor technologie verkenning en 25.000 € voor strategisch advies. Bovendien geldt per cyclus een maximum van 15 000 € (voor de eerste vier pijlers samen: opleiding, advies technologieverkenning, advies internationaal ondernemen).
De procedure voor de subsidieaanvraag is volledig elektronisch en kan jaarlijks worden aangevraagd.
Tegenover de BEA-maatregel zien we volgende verbeteringen:
• een beperkte cateringkost wordt als opleidingskost beschouwd en komt dus in aanmerking voor subsidiëring;
• de mogelijkheid bestaat nu om bij eenzelfde dienstverlener zowel opleiding als advies,… in te kopen;
• uw aanvraag mag ingediend worden tot 14 kalenderdagen na de start;
• uw onderneming heeft 30 kalenderdagen om te betalen i.p.v. 14;
• wettelijk verplichte opleidingen komen nu ook in aanmerking;
• het steunpercentage is verhoogd en is een jaarlijkse steun geworden.
Alaska Antwerpen-Waasland en Alaska Kortrijk zijn erkende adviesverleners waarop u gesubsidieerd beroep kan doen. Voor vragen kan u steeds terecht bij uw lokale Alaska vestiging of op de site van de Vlaamse overheid.


