Een onderneming overweegt de aankoop van een bevek die belegt in bedrijfsobligaties maar uit zijn bezorgdheid rond de impact op de berekeningsbasis voor de notionele intrestaftrek.
Is deze bezorgdheid terecht ?
De wet stelt het als volgt : “De boekwaarde van beleggingen die als belegging worden gehouden en door hun aard niet bestemd zijn om een belastbaar periodiek inkomen voort te brengen moeten worden uitgesloten van de berekeningsbasis”.
Twee voorwaarden dus : als belegging worden aangehouden en door hun aard niet bestemd zijn om een belastbaar periodiek inkomen voort te brengen. Meerwaarden zijn geen periodiek inkomen en dus uitgesloten.
In een antwoord op een parlementaire vraag van Carl Devlies van 7 maart 2006 geeft Reynders meer uitleg over aandelen. Meer concreet : de fiscale nettowaarde van aandelen van beleggingsvennootschappen (in casu een bevek die belegt in bedrijfsobligaties) worden uitgesloten uit de berekeningsbasis indien eventuele inkomsten in aanmerking komen om als DBI te worden afgetrokken.
Zijn eventuele inkomsten uit een dergelijke beleggings(vennootschap) te beschouwen als DBI in hoofde van deze onderneming ?
Dat zal niet het geval zijn : Een binnenlandse vennootschap is slechts gerechtigd tot de DBI-aftrek in zoverre, op de datum van de toekenning of de betaalbaarstelling van deze dividenden, de verkrijgende vennootschap in het kapitaal van de dividendtoekennende vennootschap een deelneming van ten minste 10 % of met een aanschaffingswaarde van ten minste 1 200 000 EUR bezit (art. 202 § 2 eerste lid 1º WIB92). In KMO-middens zijn deze voorwaarden uiteraard zelden vervuld zeker als het beleggingsfondsen aangaat.
Stel evenwel dat het pure kapitalisatie-aandelen zouden zijn (af te leiden uit de statuten van de beleggingsvennootschap) dan is de belegging altijd uitgesloten van de berekeningsbasis voor de notionele intrestaftrek.
Tenzij de statuten van deze bevek dat inderdaad zouden bepalen (hetgeen in casu niet het geval was) heeft deze belegging geen negatieve impact heeft op de berekeningsbasis voor de notionele intrestaftrek.
Stefaan Kindt


