Het huidige artikel 132 van het Wetboek van Successierechten voorziet in de automatische overgang van administratieve boetes op de erfgenamen van de overtreder.
Het Grondwettelijk Hof heeft in zijn arrest van 16 juli 2009 geoordeeld dat dit principe van automatische overgang van administratieve boetes op de erfgenamen in strijd is met artikel 10 en 11 van de Belgische Grondwet en met artikel 6 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens.
Het Grondwettelijk Hof argumenteert zijn uitspraak met de fundamentele beginselen van het persoonlijk karakter van straffen en het vermoeden van onschuld.
Een straf is immers eigen aan een persoon en een persoon is onschuldig totdat zijn schuld definitief vaststaat.
Tengevolge van deze uitspraak door het Grondwettelijk Hof zullen de rechtbanken het artikel 132 van het Wetboek van Successierechten niet langer kunnen toepassen.
Bovendien gaat er op datum van het arrest een termijn van zes maanden in voor het instellen van een beroep tot vernietiging van het artikel 132 van het Wetboek van Successierechten. Deze vernietiging zal terugwerkende kracht hebben, mogelijks beperkt in de tijd.


