Na meer dan 480 dagen zonder federale regering, leken er eindelijk enkele politieke lichtpuntjes aan de horizon te verschijnen. Echter, op dat ogenblik worden we keihard met de neus op de feiten gedrukt: we zijn in België echt niet immuun voor de internationale financiële crisis.
Gevolg: aandelencrashes, versluizing van tegoeden en diep wantrouwen in de financiële instellingen. Er worden verantwoordelijkheden genomen en, om de gemoederen te bedaren, gooien ministers sussende woorden in de media.
Echter, deze “fait dodo“-woorden vallen niet altijd in goede aarde, temeer omdat zij foutieve gegevens bevatten.
Ontslagnemend premier Yves Leterme en zijn ontslagnemende Minister van Financiën Didier Reynders hebben openlijk verklaard dat de garantie van 100.000 euro geldt per bankrekening. Dit is totaal incorrect: de bescherming bedraagt inderdaad 100.000 euro, doch per persoon, per bank, op het totaal van de deposito’s bij die bank.
Met andere woorden: er geldt een bescherming van 100.000 euro per persoon, niet per rekening!
Hoe werkt de bescherming nu echt?
Dat de Belgische bancaire wereld zich in een crisis bevindt, is al een tijdje geen nieuws meer. Maar er ontstaat pas echt ongerustheid wanneer er dreiging bestaat voor onze (spaar-)centen.
De Belgische wetgever heeft ‘gelukkig’ in een systeem voorzien om de negatieve gevolgen op te vangen wanneer een financiële instelling in ernstige problemen zou verkeren.
1. Wie is wie en doet wat?
Via het Beschermingsfonds wordt een bijzonder instrument in het werk gesteld voor financiële zekerheid. Deze openbare instelling vormt een bijzonder instrument dat waarborgen biedt indien depositohouders en beleggers verliezen zouden lijden door het faillissement van een financiële instelling.
Het Bijzonder beschermingsfonds werd opgericht in de schoot van de Deposito – en Consignatiekas, en staat in voor de garantie van gelijkaardige waarborgen als het Beschermingsfonds.
De fondsen treden op wanneer een krediet – of verzekeringsinstelling niet meer in staat is om haar verplichtingen tegenover haar klanten te voldoen.
2. Wat wordt gewaarborgd?
a) Deposito’s van gelden
Voor deposito’s van gelden die zich op een zicht-, termijn-, op spaarrekening bevinden; dan wel voor kasbons op naam, gedamterialiseerd of op een effectenrekening geldt een waarborg tot terugbetaling van 100.000 euro. Deze tegoeden op rekening komen in aanmerking, ongeacht hun oorsprong of bescherming, wat wil zeggen dat ook de tegoeden in het kader van een zelfstandige beroepsactiviteit voor bescherming in aanmerking komen.
Iedere particulier, vereniging, VZW of kleine en middelgrote onderneming die houder is van één of meer rekeningen met gelden, komt in aanmerking voor de waarborg. Ook voor gemeenschappelijke rekeningen en derdenrekeningen werd in een oplossing voorzien.
Zijn echter uitgesloten van de bescherming: de overheid (en aanverwante instellingen), financiële instellingen, institutionele beleggers, grote ondernemingen en bepaalde personen die op enige manier een verband vertonen met de deficiënte instelling of onderneming.
b) Financiële instrumenten
De beleggersbescherming geldt voor aandelen, obligaties, deelbewijzen van gemeenschappelijke beleggingsfonden, …die de financiële instelling in bewaring heeft voor diens cliënten. De activiteiten van een financiële instelling in verband met dergelijke financiële instrumenten is aan zeer strikte regelgeving onderworpen. Vandaar dat de maximale dekking van de beschermingsregeling werd vastgesteld op 20.000 euro per persoon en per financiële instelling.
Volledigheidshalve dient vermeld te worden dat er waarborg wordt geboden voor de teruggave aan de rechtmatige eigenaar van de effecten die in bewaring waren gegeven. De beschermingsregeling biedt geen enkele dekking tegen een eventueel waardeverlies van de effecten.


