en | fr
Alaska Quarterly

Herbelegging van een herbelegd activum. Wat zijn de fiscale gevolgen ?

oranjevlagMeerwaarden op voor het uitoefenen van de beroepswerkzaamheid gebruikte activa zijn in principe belastbaar tegen het volle tarief. Onder bepaalde voorwaarden kan gekozen worden voor een gespreide belasting van de meerwaarden.

Hiervoor moet de belastingplichtige ondermeer een bedrag gelijk aan de ontvangen vergoeding of de totale verkoopprijs van die activa waarop de meerwaarde betrekking heeft, herbeleggen. De tijdelijk vrijgestelde meerwaarde wordt over meerdere belastbare tijdperken belast in verhouding tot de afschrijvingen van de activa waarin is herbelegd.

Deze vraag uit de titel is dus niet zonder belang voor belastingplichtigen die een herbelegd activum willen realiseren.

Getuige een uitspraak van het Hof van Beroep van Gent van 17 maart 2009 die stelt dat een belastingplichtige, die eens een meerwaarde heeft herbelegd, geen herbelegging kan doen van deze eerste herbelegging.

De belastingplichtige, in casu een bedrijf actief in tankers, realiseert een flinke meerwaarde op een oude tanker. De meerwaarde wordt herbelegd cfr. artikel 47 WIB ’92 in een nieuwe tanker.

Gezien de recentelijke druk om enkelwandige tankers uit het scheepvaartverkeer te halen en enkel nog dubbelwandige tankers te gebruiken krijgt de belastingplichtige spijt van zijn eerste herbelegging. Aangezien de herbeleggingstermijn van 5 jaar op vaartuigen nog niet verlopen is beschouwt de belastingplichtige de tweede herbelegging als het activum waarin herbelegd is. En benut nog steeds het voordeel van de gespreide belasting op de meerwaarde.

De redenering van de belastingplichtige is dat op het eind van de herbeleggingstermijn (5 jaar) de voorwaarden van artikel 47 WIB ’92 voldaan zijn. Artikel 47 WIB ’92 spreekt niet tegen dat het herbeleggingsactivum vervangen kan worden door een nieuw activum.

De wetgever stelt in §1 van vermeld artikel evenwel dat voor herbeleggingsactiva die niet meer gebruikt worden voor de beroepswerkzaamheid er een einde komt aan het stelsel van de gespreide belasting op de meerwaarde. Het niet afgeschreven gedeelte wordt onmiddellijk belast.

De wet zegt dus niet dat de onmiddellijke belastbaarheid vermeden kan worden door een nieuw herbelegging.

Meer nog, de commentaar (Com. IB 1992 nr 47/76) stelt expliciet:

De belastingplichtige moet jaarlijks, d.w.z. voor elk belastbaar tijdperk dat geheel of gedeeltelijk tot de herbeleggingstermijn behoort, in een opgave aanwijzen welke investeringen hij in verband met een bepaalde meerwaarde als herbelegging wil laten dienen. Daar de gespreide belasting daardoor automatisch op gang wordt gebracht, kan hij op die aanwijzing niet meer terugkomen in een opgave 276 K van een later belastbaar tijdperk. Het is evenmin toegelaten slechts één enkele gezamenlijke opgave met de herbeleggingen van alle jaren van de herbeleggingstermijn samen in te dienen.

Het principe is dat de belastingplichtige ten laatste bij het verstrijken van de herbeleggingstermijn moet aanduiden welke activa als herbelegging gelden. Eénmaal gekozen kan hij hier niet meer op terugkomen, ook al loopt de herbeleggingstermijn nog.

Het Hof van Beroep erkent dat in artikel 47 WIB ’92 nergens bepaalt wordt dat enkel het activum waarin oorspronkelijk belegd is in aanmerking komt en dat een tweede herbeleggingsactivum niet in aanmerking komt. Het effectieve herbeleggen (het doel van de wetgeving) is wel gebeurd maar niet naar de vorm van het voornoemde artikel. Ook de druk die de onderneming ondervond bij het vervangen van enkelwandige tankers door dubbelwandige tankers telt niet mee.

 
Submit your comment

Please enter your name

Your name is required

Please enter a valid email address

An email address is required

Please enter your message

Alaska: more than you know, more than you think. © Alaska 2012, Alaska esv - BTW BE 0893.640.115 - RPR Dendermonde | All Rights Reserved sitemap

2012 - transvorm