Bestuurdersaansprakelijkheid

Juridisch advies
22 november 2017 - Lisa Deschaeck

Bestuurdersaansprakelijkheid

De bestuurdersaansprakelijkheid blijft een hot topic. Grosso modo bestaat de bestuurdersaansprakelijkheid uit de aansprakelijkheid van bestuurders voor handelingen die zij als bestuurder van een rechtspersoon hebben verricht.

Onder bestuurders verstaat men de leden van de raad van bestuur, van het directiecomité en de afgevaardigden tot het dagelijks bestuur.

De bestuurdersaansprakelijkheid wordt geregeld in het Wetboek van Vennootschap en omvat verschillende vormen en gronden van aansprakelijkheid.

Als bestuurder kan men enerzijds een aansprakelijkheid oplopen ten aanzien van de vennootschap. Dit betreft de  interne aansprakelijkheid en is contractueel van aard. Anderzijds kan een bestuurder ook aansprakelijkheid oplopen ten aanzien van derden. Dit betreft de externe aansprakelijkheid en is gebaseerd op artikel 1382 B.W. of op een specifieke wetsbepaling. Tot slot bestaan er ook nog een aantal bijzondere aansprakelijkheden.

Hieronder worden de gronden van aansprakelijkheid toegelicht:

 

  1. Aansprakelijkheid op grond van een gewone bestuurdersfout

(bijv. buitensporige uitgaven doen, tekortkoming toezichtplicht tav afgevaardigde, geen verzekering nemen, concurrentie voeren, nalaten subsidies aan te vragen, etc…)

Deze vorm van aansprakelijkheid vindt zijn grondslag in de artikelen 262 (BVBA), 408§1 (CVBA) en 527 (NV) W.Venn.

De bestuurders zijn verantwoordelijk voor de vervulling van de hen opgedragen taken en aansprakelijk voor de tekortkoming in hun bestuur. Het betreft een contractuele en in principe een individuele aansprakelijkheid. Indien bestuursfouten door meerdere bestuurders samen worden begaan dan zijn zij in solidum aansprakelijk.

Deze aansprakelijkheid veronderstelt het bewijs van een bestuursfout, schade en een oorzakelijk verband.

De beoordeling gebeurt op grond van de zorgvuldigheidsnorm waarbij het gedrag van de bestuurder in abstracto wordt getoetst aan het gedrag van een normaal voorzichtige bestuurder in dezelfde feitelijke omstandigheden.

De bestuurder kan niet aan de aansprakelijkheid ontsnappen door zich te beroepen op onwetendheid, onervarenheid of onbekwaamheid.

De vordering kan ingesteld worden door de vennootschap (meerderheid aandeelhouders) of minderheid van de aandeelhouders voor zover zij tenminste 1% van de stemrechten of 1.250.000 kapitaal vertegenwoordigen of door de vereffenaar of curator.

  

  1. Aansprakelijkheid voor inbreuken op het W.Venn of de statuten

(bijv. ontbreken bekendmaking akten, ontbreken neerleggen van goedgekeurde jaarrekening, geen algemene vergadering houden, geen jaarrekening opmaken, miskenning procedure bij belangenconflict, alarmbelprocedure, doeloverschrijdende handelingen, etc…)

Deze aansprakelijkheid vindt de grondslag in de artikelen 263 (BVBA) en 528 (NV)  W.Venn.

De bestuurders zijn hoofdelijk aansprakelijk voor alle schade die het gevolg is van een overtreding van de statuten of van het Wetboek van Vennootschappen, met inbegrip van de boekhoudwetgeving.

Deze aansprakelijkheid verondersteld het bewijs van het causaal verband tussen overtreding van de statuten of wet en de schade.

Mogelijke ontsnappingsroute bestaat erin dat de bestuurder moet aantonen dat hij geen deel had aan de overtreding, hem geen schuld kan worden verweten èn de overtreding heeft aangeklaagd op de eerste algemene vergadering na kennisname. Hieraan moet cumulatief worden voldaan.

De vordering kan worden ingesteld door de vennootschap of door een derde belanghebbende.

 

  1. Aansprakelijkheid op grond van fout - onrechtmatige daad

(bijv. diefstal, niet tijdig doen van aangifte faillissement, verduistering van maatschappelijk gelden of goederen)

De bestuurders zijn aansprakelijk ingeval zij een onrechtmatige daad begaan t.a.v. derden of t.a.v. de vennootschap. De grondslag van de aansprakelijkheid is gelegen in de artikelen 1382 – 1383 B.W.

In de regel zal de vennootschap desbetreffend artikel niet zomaar tegen haar bestuurders kunnen inroepen, gezien het samenloopverbod: tussen bestuurder en vennootschap bestaat er namelijk een contractuele verhouding, en tussen contractpartijen is volgens het Hof van cassatie een beroep op art. 1382 B.W. enkel mogelijk voor zover zowel fout als schade vreemd zijn aan de gebrekkige uitvoering van het contract. Indien de fout van de bestuurder niet enkel een contractuele tekortkoming is maar tevens een miskenning in de zorgvuldigheidsplicht dan is voldaan aan de voorwaarden van samenloop.

Het oorzakelijk verband tussen fout en schade moet worden aangetoond.

De vordering kan worden ingesteld door de vennootschap of door derde belanghebbende (zoals fiscus en schuldeisers).

 

  1. Faillissementsaansprakelijkheid obv kennelijk grove fout

(bijv. voeren van handelsactiviteit zonder over de vereiste financiële middelen te beschikken, opstellen van een jaarrekening die geen getrouw beeld heeft, etc…)

De (gewezen) bestuurders of zaakvoerders, alsmede andere personen die ten aanzien van de zake van de vennootschap werkelijke bestuursbevoegdheid hebben gehad, zijn persoonlijk en/of hoofdelijk en ondeelbaar aansprakelijk voor alle of een deel van de schulden van de vennootschap.

De aansprakelijkheid ervan is gelegen in de artikelen 265 (BVBA), 409 (CVBA) en 530 (NV) W.Venn.

Om aansprakelijk te worden gesteld op grond van dit artikel is de vennootschap failliet verklaard, zijn er onvoldoende baten om de schulden van de failliete vennootschap te betalen en is er een bewijs dat de (gewezen) bestuurders een kennelijk grove fout hebben begaan die heeft bijgedragen tot het faillissement van de vennootschap.

Een kennelijk grove fout is iedere vorm van ernstige fiscale fraude, al dan niet georganiseerd.

Een oorzakelijk verband tussen de kennelijk grove fout en de eigenlijke en individuele geleden schade moet niet worden aangetoond.

De vordering kan worden ingesteld door de curator als de benadeelde schuldeisers.

 

  1. Aansprakelijkheid tav fiscus

Voor wat betreft de niet-betaalde bedrijfsvoorheffing (art. 442quater WIB ‘92) en de BTW (art. 93undecies C W.BTW) werd door de wetgever een bijzondere bestuurdersaansprakelijkheid gecreëerd.

De bestuurders en zaakvoerders zijn hoofdelijk en persoonlijk aansprakelijk voor de verschuldigde bedrijfsvoorheffing en BTW-schulden, inclusief intresten en bepaalde bijhorende bedragen.

Deze regeling is van toepassing op bestuurders van vennootschappen en van grote vzw’s. Een grote vzw is een vzw met gemiddeld vijf voltijdse werknemers, 25.000,00 euro ontvangsten en een balanstotaal van 1.000.000,00 euro.

Het bestaan van een fout is vereist. De administratie moet althans de fout, de schade en het oorzakelijk verband tussen beide bewijzen. De administratie kan dan dus niet alleen de vennootschap aanspreken, maar eveneens de bestuurder of zaakvoerder, zowel deze in rechte als zij die in feite het bestuur waarnemen.

De wetgever heeft de aansprakelijkheid versterkt. Ingevolge de programmawet van 2006 wordt een iuris tantum vermoeden van fout ingevoerd bij de herhaalde niet-betaling van de bedrijfsvoorheffing en/of btw van de vennootschap.

De herhaalde niet-betaling is als volgt: gedurende een periode van één jaar tenminste twee eisbare schulden niet werden aangezuiverd (trimestriële aangiften) of gedurende een periode van één jaar tenminste drie eisbare schulden niet werden aangezuiverd (maandelijkse aangiften). Vindt de betalingsachterstand zijn oorsprong in financiële moeilijkheden die aanleiding geven tot faillissement of gerechtelijke ontbinding, dan speelt dit vermoeden evenwel niet.

De vordering wordt ingesteld door de belastingadministratie en een voorafgaandelijke ingebrekestelling is verplicht.

 

  1. Aansprakelijkheid tav RSZ (bij NV, CVBA en BVBA)

De (gewezen) bestuurders, zaakvoerders alsook feitelijke bestuurders kunnen persoonlijk en hoofdelijk aansprakelijk worden gesteld voor het geheel of een deel van alle op het ogenblik van de uitspraak van het faillissement verschuldigde sociale bijdragen, bijdrageopslagen, verwijlinteresten en de vaste vergoeding.

De aansprakelijkheid vindt pas toepassing vanaf dat de betrokken bestuurders in de loop van de periode van vijf jaar voorafgaand aan de faillietverklaring betrokken geweest zijn in minimum 2 faillissementen, vereffeningen of gelijkaardige procedures met schulden t.a.v. een inningsorganisme van de sociale zekerheidsbijdragen.

Tevens moet de begane grove fout aan de basis liggen van het faillissement. Als grove fout wordt beschouwd iedere vorm van ernstige fiscale fraude, al dan niet georganiseerd.

De vordering kan worden ingesteld door de curator of de RSZ bij de rechtbank van koophandel.

 

  1. Aansprakelijkheid in het kader van een belangenconflict

De bestuurder is persoonlijk en hoofdelijk aansprakelijk die rechtstreeks of onrechtstreeks een belang van vermogensrechtelijke aard heeft dat strijdig is met een beslissing of een verrichting die tot de bevoegdheid van de raad van bestuur behoort.

De bestuurders zijn ook persoonlijk en hoofdelijk aansprakelijk ingeval een onrechtmatig financieel nadeel lastens de vennootschap wordt gesteld ten voordelen van

Voor de vennootschap kan het interessant zijn om zich te verzekeren tegen de beroepsaansprakelijkheid. Diverse trends zorgen ervoor dat de bestuurdersaansprakelijkheid nog actueler is dan ooit. De wetgeving wordt steeds strenger en er zijn meer personen die claims kunnen indienen.  Er bestaan verschillende polissen om zich te verzekeren, zoals de polis “bestuurdersaansprakelijkheid”, ook wel gekend onder de Engelse afkorting D&O (Directors & Officers). Deze polis voorziet in eerste instantie in de verdediging van de bestuurders van een vennootschap vanaf het moment dat er een tegenpartij is die een schadeclaim indient omwille van bestuursfouten. De polis verzekert met andere woorden de persoonlijke aansprakelijkheid van de bestuurders voor fout in het dagdagelijks beheer in de onderneming.  Daarnaast vergoedt de polis ook de schade waarvoor de bestuurder aansprakelijk wordt gesteld.

De premie van een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering is afhankelijk van de organisatie waarvoor u een verzekering afsluit en het te verzekeren bedrag. De tarificatie blijft natuurlijk maatwerk.

terug naar overzicht

Lisa Deschaeck

Legal Advisor
+32 (0)56 222 602

Deel deze pagina op:

Gerelateerde artikels

Juridisch advies
4 december 2018 - Peter Hacke

Scholingsbeding bij knelpuntberoepen vereenvoudigd

Zie lijst VDAB.

Lees meer
Juridisch advies
27 november 2018 - Peter Hacke

Nieuwe belastingvrijstelling voor personeel

Gevolg van het eenheidsstatuut.

Lees meer
Juridisch advies
30 oktober 2018 - Alexander Colaert

Gevolgen nieuw ondernemingsrecht voor niet-handelaren

oa voor u als vrije beroeper

Lees meer

Nieuwsbrief

Wenst u op de hoogte te blijven, dan kan u zich hier inschrijven voor onze nieuwsbrief.